Terug naar Projecten.

Blauw Afval, Groene Waarde

In opdracht van Greenport NHN wordt door SPNA en Proeftuin Zwaagdijk het project "Blauw Afval, Groene Waarde" uitgevoerd. Het Waddenfonds heeft hiervoor subsidie verleent. In dit project wordt het gebruik van garnalendoppen in de teelt van bloembollen en pootaardappelen onderzocht. De garnalendop is het omhulsel dat als restafval overblijft, nadat een garnaal is gepeld.

 

Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat de stoffen die in garnalendoppen zitten een gunstige werking hebben op de natuurlijke weerbaarheid en vruchtbaarheid van bodem en gewassen. Het doel van het project is om in een aantal pilots te testen hoe de doppen in de praktijk gebruikt kunnen worden in de teelt van pootaardappelen en bloembollen. Hiermee wordt een reststroom uit de visserij op duurzame wijze ingezet voor de landbouw.

Verduurzaming teelt
De bloembollensector en pootgoedsector zoeken actief naar manieren om de verduurzaming van de teelt mogelijk te maken. Vermindering van de inzet van gewasbeschermingsmiddelen is hier onderdeel van. Het inzetten van een natuurlijke reststroom uit de regio past uitstekend in dit streven en draagt daarnaast bij aan het verduurzamen van de garnalensector. Vanuit beide sectoren wordt dan ook met belangstelling uitgekeken naar de resultaten van de pilots. Om het belang voor de sector te onderstrepen dragen LTO-fondsen en KAVB bij aan het project.

De werking van garnalenresten
De garnalendoppen bestaan voor een groot gedeelte uit chitine. Nationaal en internationaal heeft onderzoek aangetoond dat chitine een selectieve anti-microbiële werking heeft en de bodemmicrobiologie positief beïnvloedt, waardoor de bodemweerbaarheid voor diverse ziekten en plagen verbetert. Ook is aangetoond dat chitine de aanwezigheid van aaltjes sterk kan verminderen. Juist in de bollen- en pootgoedteelt zijn aaltjes en diverse schimmels oorzaak van veel verlies.

In de proeven die door SPNA uitgevoerd worden, zal vooral gekeken worden naar de werking op schurft, rhizoctonia (Kollumerwaard) en erwinia (Ebelsheerd). Met name in de biologische teelt van pootaardappelen staat men te springen om methoden om vooral rhizoctonia tegen te kunnen gaan.

Van wetenschappelijke kennis naar praktijk
Bij de pilots wordt de wetenschappelijke kennis van Wageningen Universiteit gebruikt om de proeven in te richten. De proeven worden uitgevoerd door Proeftuin Zwaagdijk en Stichting Proefboerderijen Noordelijke Akkerbouw op percelen in het Waddengebied. Hierbij wordt op zowel klei, als zandgrond getest en worden de garnalendoppen op verschillende manieren aangebracht om de optimale werking vast te stellen. Door opendagen en bijeenkomsten kunnen belangstellende telers gedurende het teeltseizoen zelf de werking bekijken. De resultaten worden breed gedeeld.

Rol GreenPort NHN
GreenPort NHN voert de regie over de uitvoering van het project. Hierbij werkt GreenPort NHN nauw samen met Projecten LTO-Noord. Gezamenlijk wordt in kaart gebracht op welke andere wijze de visserijsector en de agrarische sector kunnen samenwerken bij het inzetten van elkaars reststromen. Hierbij wordt nauw contact onderhouden met Blueport Lauwersoog. Het project gaat van start met de toepassing van de doppen in de lelieteelt en de pootaardappelteelt.

(Bron: GreenPort NHN)

Strooien van garnalendoppen in het proefveld Poten van de proef op Ebelsheerd